Over de impact van remedial teaching bij dyscalculie
Soms komt er een leerling binnen die je direct raakt. Niet omdat de problematiek zo uitzonderlijk is, maar omdat de onzekerheid bijna tastbaar aanwezig is. Zo kwam er enige tijd geleden een leerling bij mij binnen met dyscalculie. Een vriendelijk meisje dat bij het horen van het woord rekenen ongeveer dezelfde reactie kreeg als veel mensen bij het woord belastingaangifte: lichte paniek, verhoogde hartslag en de sterke behoefte om heel ergens anders te zijn.
Tijdens onze eerste gesprekken werd al snel duidelijk dat niet alleen de cijfers het probleem waren. De grootste uitdaging zat in de overtuiging die zich in de loop der jaren had opgebouwd: ik kan dit niet. Elke rekensom was een potentiële mislukking. Elk toetsmoment zorgde voor spanning. En zoals we allemaal weten: een brein dat in de stressstand staat, leert nu eenmaal minder effectief.
Meer dan een rekensom
Als remedial teachers zien we het regelmatig. Achter de rekenproblemen schuilt vaak een leerling die zichzelf steeds minder vertrouwt. Na jaren van ervaringen waarin rekenen moeilijk bleef, ontstaat er een patroon. Het gaat niet meer alleen over sommen. Het gaat over zelfbeeld.
Deze leerling had inmiddels geen wiskunde meer in haar vakkenpakket, maar economie stond nog wel op het programma. En economie blijkt verrassend vaak stiekem een verklede rekenles te zijn. Procenten, kortingen, rente, groeipercentages, prijsveranderingen: de getallen kwamen haar nog steeds dagelijks tegemoet.
Tijdens de eerste oefensessies bleek dat vooral procentberekeningen veel spanning opriepen. Zodra een opgave begon met: “Een product stijgt met 15%...”, zag ik haar blik veranderen. De inhoud van de vraag verdween naar de achtergrond en de stress nam het stuur over.
Terug naar de basis
In plaats van direct allerlei trucjes voor procenten aan te leren, besloten we terug te gaan naar de basis: de verhoudingstabel.Voor veel leerlingen met dyscalculie werkt het enorm helpend wanneer abstracte berekeningen weer concreet worden gemaakt. Geen magische formules die uit de lucht lijken te vallen, maar inzicht in wat er daadwerkelijk gebeurt.
We oefenden. Veel.
We vulden verhoudingstabellen in. We rekenden percentages uit alsof ons leven ervan afhing. We schreven wisbordjes vol en de rekenmachine draaide overuren. Soms leek onze tafel meer op een commandocentrum van een ruimtevaartmissie dan op een RT-praktijk.
Langzaam gebeurde er iets bijzonders.
Waar eerst spanning zat, kwam herkenning.
Waar eerst paniek zat, kwam structuur.
Waar eerst de gedachte was: ik snap hier niets van, ontstond steeds vaker de vraag: welke stap moet ik eerst zetten?
En dat is een wereld van verschil.
De mooiste winst
Natuurlijk werd ze beter in het maken van economische berekeningen. Toetsresultaten verbeterden en opdrachten gingen sneller. Maar eerlijk gezegd vond ik dat niet eens de grootste winst.
De grootste winst was dat ze niet meer verstijfde zodra er een procentteken in beeld verscheen.Ze begon vragen te stellen, ze durfde fouten te maken, ze pakte een opgave aan zonder eerst vijf minuten te twijfelen of ze het wel zou kunnen.
Op een gegeven moment zei ze tijdens een sessie bijna terloops: “Oh, dit is gewoon een verhoudingstabel.”
Voor buitenstaanders lijkt dat misschien een onschuldige opmerking. Voor een remedial teacher voelt zo'n zin echter ongeveer alsof een marathonloper na maanden training zegt: “Dat stukje van 42 kilometer viel eigenlijk best mee.”
Daarom doen we dit werk
Als remedial teachers zijn we soms geneigd onze successen af te meten aan cijfers, scores en toetsresultaten. Die zijn belangrijk, zeker. Maar regelmatig zit onze grootste bijdrage ergens anders.
- Wij helpen leerlingen ervaren dat ze niet worden gedefinieerd door hun leerprobleem.
- Wij bieden structuur waar chaos is ontstaan.
- Wij geven woorden aan wat moeilijk is.
En soms mogen we meemaken dat een leerling die binnenkomt met knikkende knieën bij het woord rekenen, weer vertrouwen krijgt in haar eigen mogelijkheden.
Dat blijft bijzonder.
Want uiteindelijk gaat remedial teaching niet alleen over rekenen, taal of spelling. Het gaat over mensen. Over kinderen en jongeren die opnieuw mogen ontdekken dat leren niet hetzelfde is als falen. En eerlijk is eerlijk: als een leerling die ooit bijna allergisch reageerde op procenten ineens zelfverzekerd een economische berekening maakt, dan geeft dat minstens zoveel energie als een perfecte toetsuitslag.
Misschien is dat wel het mooiste van ons vak. Dat we soms niet alleen sommen oplossen, maar ook een stukje onzekerheid wegnemen